Xinjiang, de geschiedenis van de draak en de wolf
Autor:
Ivo
(
)
Datum:
04/04/2005
De categorie:
Nieuws
In de noordwestelijke regio van het huidige China ligt de provincie Xinjiang.
De officiële Chinese naam is Xinjiang Uyghur Autonome Regio (XUAR). De oorspronkelijke
bewoners van deze woestijnachtige regio zijn echter niet van Chinese afkomst
maar stammen af van de oorspronkelijke nomadische stammen die zich hier al van
in de bronstijd vestigden, Indo-europese migranten uit de Kaukasus, Anatolie
en het huidige Iran. Later vestigden er zich ook Sino-Mongolen vanuit het oosten.
Xinjiang beslaat een zesde van de oppervlakte van China en is daarmee zijn
grootste provincie, doch een groot gedeelte ervan is woestijn met de gevreesde
Taklamakan in het zuidwesten en uitlopers van de Gobi in het noorden. De toenmalige
bevolking vestigde zich in steden aan de rand van deze woestijnen en benutte
het smeltwater van de omliggende gebergten om land te irrigeren voor landbouw.
Oorspronkelijk hadden de Chinezen weinig interesse in dit gebied. Zij geloofden
dat alle volkeren die buiten hun grenzen leefden barbaren waren. Wanneer rond
130 VC China echter te lijden heeft onder de voortdurende aanvallen van de Xiongnu
(Hunnen) die vanuit de Mongoolse steppen het land teisteren, zijn ze gedwongen
om allianties te sluiten met de Uyguren en de Yuezhi (uit het huidige Bactrie)
om hen te bestrijden. "Bevecht Barbaren met Barbaren" is hun motto.
De superioriteit van de Xiongnu vloeide voort uit het feit dat de Chinezen in
die tijd geen paarden hadden, hun grond bevatte niet de nodige mineralen om
goede rassen te kweken.
Wanneer Zhang Qian, de gezant van de Chinese keizer Wudi, terugkomt aan het
hof en vertelt over de "hemelse paarden" die hij gezien heeft in de
Ferghana vallei in huidig Oezbekistan, is dit meteen een reden om missies uit
te sturen naar de westelijke gebieden en deze te bezetten.
Dit is het begin van een turbulente geschiedenis. China kan Xinjiang bezet
houden tot aan de val van de Han dynastie op het einde van de 2e eeuw. Dan valt
het uit elkaar in verschillende koninkrijken en de westelijke regio wordt afwisselend
overheerst door krijgsheren en nomadenlegers. Invallen van vreemde heersers
en opstanden kostten telkens duizenden levens.
Een geschiedschrijver uit die tijd formuleert het zo: "Liever vernietigen
ze elkaar dan met elkaar in vrede te leven. Ze bestaan uit duizend clans die
vijandig gezind zijn en elkaar uitmoorden. Dan bewenen ze hun doden en zweren
opnieuw wraak." In de 8e eeuw veroveren de Tibetanen China, de Uyguren
heroveren opnieuw Xinjiang maar worden op hun beurt weer overwonnen door de
Arabieren in de 10å eeuw. Op het einde van de 12å eeuw begint het rijk van Genghis
Khan en de Uygurse Khans sluiten zich aan bij zijn legers.
In 1368 weet de Ming dynastie de Mongolen voorgoed te verdrijven maar ze blijken
te zwak om de regio onder hun controle te houden. Voor een periode van 400 jaar
wordt het gebied opnieuw geteisterd door heersers die elkaar bevechten, allianties
sluiten en elkaar verraden. De eerste heersers waren nog afstammelingen van
de Mongoolse Khans maar later waren het Khojas uit West Turkestan.
Steppenomaden uit het noorden die zichzelf Manchu's noemden, naar de Chinese
provincie Manchurije die ze als eerste veroverden, stichten in de 17å eeuw de
Qing dynastie. In wreedheid moeten ze niet onderdoen voor de Mongolen, een opstand
in Dzungaria kost aan een miljoen mensen het leven. China is in die periode
groter dan het ooit nog zou zijn en de westelijke regio die Huijiang (Moslimland)
heette wordt van dan af Xinjiang genoemd hetgeen 'nieuwe grens' of 'nieuw land'
betekent. In 1866 weet Yakub Beg de Manchu's te verdrijven en sticht het onafhankelijk
koninkrijk Oost Turkestan maar reeds in 1877 wordt zijn rijk weer geannexeerd
door China. De zwakke Qing dynastie is echter niet bij machte de opstanden in
het land het hoofd te bieden en eindigt in 1911 wanneer de Republiek gesticht
wordt door Sun Yatsen. Noch de Republikeinen noch de Nationalisten onder leiding
van Chiang Kai-shek kunnen China samenhouden. Tot de communisten de macht overnemen
is China een gedemoraliseerd land waar krijgsheren terreur zaaien. Ondertussen
wordt achter de schermen The Great Game gespeeld, een politiek spel waarin Rusland,
Groot Brittanie, Japan en China de hoofdrolspelers zijn om macht te verwerven
in Centraal Azie en Tibet. Tijdens de 2e Wereldoorlog heeft Rusland de olie
uit Xinjiang nodig om weerstand te kunnen bieden tegen Hitler maar na het beleg
van Stalingrad trekt het zich min of meer terug.
Na een opstand door het Xinjiang Volksbevrijdingsleger wordt op 15 november
1944 de Eastern Turkestan Republic opgericht. Voor de tweede maal in de -geschiedenis
is de regio zelfstandig maar moet zich, met steun van Rusland blijven verdedigen
tegen de Guomindang troepen. Na een ultimatum van Chang Kai-chek trekt het Kremlin
zich terug op voorwaarde dat Xinjiang zelfbeschikkingsrecht krijgt binnen de
Chinese Republiek. Maar tegen eind 1947 hadden de Communisten reeds centraal
China in handen en in 1949 stonden ze aan de grenzen van Xinjiang. De Communisten
hadden de grootste bewondering voor de ETR en Mao Zedong schreef aan president
Kasimov: "Uw strijd doorheen de jaren is een onderdeel van de democratische
revolutionaire beweging van het hele Chinese volk."
Als op 20 oktober 1949 het Volksbevrijdingsleger Urumchi binnenmarcheert hebben
de Uyguren dus echt reden om zich 'bevrijd' te voelen. Doch wanneer de leiders
van Xinjiang een uitnodiging aanvaarden om de eerste plenaire zitting van de
Chinese Politieke Volksconferentie bij te wonen, stort hun vliegtuig neer en
alle inzittenden komen om het leven. De omstandigheden worden nooit opgehelderd.
Al in 1950 begint de eerste instroom van 10.000 Han Chinezen. Om zijn hervormingsprogramma
te doen slagen laat Mao vele van de vroegere moslimleiders executeren. Xinjiang
wordt omgevormd tot de Xinjiang Uyghur Autonome Regio (XUAR) in 1953. In de
beginjaren paste Mao dezelfde tactiek toe die Lenin gebruikte in Rusland, eerst
het volk vleien, dan controleren. Om de Uyguren beter te laten assimileren wordt
in 1956 besloten dat het Arabische schrift vervangen moet worden door het Latijnse
alfabet. Arabisch was immers de taal van de Koran en verhinderde een vlotte
assimilatie. Enkele jaren later, als de spoorweg vanuit Lanzhou afgewerkt is
komen een half miljoen nieuwe immigranten zich vestigen. Dit feit tezamen met
de grote hongersnood van 1961 zorgt voor grote onrust in de regio. Om de gemoederen
te bedaren mogen inwoners die hun buitenlandse afkomst kunnen bewijzen Xinjiang
verlaten. Vijfhonderduizend Uyguren, Kazakken en zelfs Han steken de grens over
naar Afghanistan en de USSR.
De beloofde autonomie blijkt slechts op papier te bestaan. Ongeacht hoeveel
Uyguren werden verkozen in de lokale besturen, alle beslissingen worden door
de Partij gecontroleerd en het provinciebestuur wordt geleid door Han Chinezen.
De Culturele Revolutie, eind jaren zestig, lijkt er in Xinjiang vooral op gericht
om de Uyguren hun identiteit te ontnemen. Moskeeen worden vernield, historische
geschriften verbrand en imams worden met verf overgoten en publiekelijk vernederd.
Verkozenen mogen niet vasten tijdens de Ramadan en sommigen worden verplicht
om alcohol te drinken.
Hoewel de Uyguren door de massale immigratie van Han Chinezen in de jaren
zeventig een minderheid geworden zijn in hun eigen land, ontsnappen ook zij
niet aan het programma van geboortecontrole. Voor moslims is dit niet minder
dan een rechtstreekse belediging van God. Officiele protesten van de Wereld
Moslim Liga halen niets uit. Hun argumenten dat de Uyguren slechts 1% van de
totale Chinese bevolking vertegenwoordigen en al veel te lijden hebben door
de nucleaire testen in Lop Nor leggen de communisten naast zich neer. Vrouwen
die gedwongen sterilisaties en abortus weigeren worden zwaar beboet.
Ook op het gebied van justitie worden de Uyguren zwaar gediscrimineerd. Han
Chinezen worden voor dezelfde misdaden veel minder zwaar of zelfs niet gestraft
terwijl voor Uyguren straffen dikwijls onredelijk zijn.
Al
deze vormen van discriminatie leiden regelmatig tot opstanden en uitbarstingen
van geweld.
Na het uiteenvallen van de Soviet Unie, wanneer in Centraal Azië een politieke
Islam ontstaat wordt de repressie zo mogelijk nog groter. In 1990 breken protesten
uit wanneer de overheid in Baren een moskee sluit net voor een religieus feest.
De politie schiet op de demonstranten en 50 mensen worden gedood. Over heel
Xinjiang worden duizenden mensen gearresteerd. De regering geeft de schuld aan
'etnische separatisten'. De moskeeën worden beschouwd als haarden van verzet
en camera's worden geïnstalleerd om gelovigen te bespioneren. De geheime politie
filmt religieuze feesten en mensen verliezen hun job omdat ze erediensten bijwonen.
Maar de nucleaire testen, de uitvoer van grondstoffen naar China en de geboorte
controle zijn er de oorzaak van dat de frustratie blijft groeien. In 1997 zorgt
de arrestatie van Abduheiil Abdumejit voor een nieuwe uitbarsting van geweld
in Gulja. De politie laat honden los op de menigte en gebruikt vlammenwerpers
en machinegeweren. Bij huiszoekingen worden 5000 mensen gearresteerd. Abduhelil
wordt zonder proces opgesloten. Drie jaar later sterft hij in de Chapchal gevangenis
aan de gevolgen van foltering.
De
moegetergde Uyguren beginnen zich militanter op te stellen, kazernes en politiestations
worden bestormd, wapens worden gestolen en over heel Xinjiang gebeuren bomaanslagen.
De regering reageert met nog meer repressie. Men kan geëxecuteerd worden of
levenslang opgesloten voor: belediging van de regering, de term 'Oost Turkestan'
gebruiken of de vlag in zijn bezit hebben, deelnemen aan demonstraties, het
kopiëren of verdelen van verboden religieuze bladen, het organiseren van religieuze
klassen, het bezit van verboden tapes met gedichten of liederen, geheime informatie
doorspelen aan buitenlanders, publiceren over de geschiedenis van de Uyguren,
het lezen van buitenlandse magazines, het lezen van dagbladen of vloeken op
een Han Chinees. Om mensen op deze overtredingen te kunnen betrappen maakt de
politie gebruik van een netwerk van informanten. Rekenkundig gezien wordt de
doodstraf voor een Uyghurtien maal sneller uitgesproken dan voor een Han Chinees.
Ondertussen werkt de Chinese regering nog steeds niet aan oplossingen, integendeel.
De Xinjiang Production and Construction Company, die de hele economie van de
regio beheert, bevoordeelt nog steeds de Han bij het verdelen van jobs en in
de beruchte werkkampen voor 'hervorming door
Deze tekst is van Ivo voor het "Amnesty programma"
van 16 april 2005
Artikelen op thema:
Uighuren in Centraal-Azië en China